Tagarchief: museum

Doe de Duitser

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Gisteren was het zo’n miezerige niksdag en daarom besloten mijn dochter en ik vakantie te vieren in eigen land. We ‘deden de Duitser’ en reden door Noord-Holland of wij Ferien hadden.
Het eerste wat ons opviel, was dat de mogelijkheden om rommel aan te schaffen legio zijn.  In Alkmaar was een buurtrommelmarkt, in Schoorl een grote kofferbakverkoop en in Schagen een braderie. Nu zitten wij niet verlegen om troep,  en daarnaast hadden wij meer belangstelling voor lustige Sommerkleider. Also besloten we door te rijden naar Hoorn. Het gemiezer was inmiddels overgegaan in regen maar als goede toeristen wezen wij elkaar onderweg op pittoreske kerkjes, mooie molens en natte pony’s, schapen en koeien.
Ook in Hoorn waren alle winkels dicht. Een beetje Duitser laat zich daardoor niet terneer drukken, en we begaven ons door doodstille winkelstraten terwijl we gevels bewonderden en etalages bekeken. Rond de Oude Havens was een elf-cafeetjestocht gaande. Beschonken Hoornaren liepen van café naar café  met een afstempelkaart om hun nek waarop ze bijhielden welke lokalen ze al hadden bezocht. Het Westfries museum was wel open. Het is gevestigd in een prachtig 17e-eeuws gebouw en heeft als thema Hoorn in de Gouden eeuw. Je vindt er glaswerk, schilderijen,  stijlkamers, kerkschatten, en heel veel grappige portretten van Gouden eeuwers. Een aanrader, op zo’n miezerige dag.

Op de thee bij Lucebert

IMG_3926

Mijn dochter ging deze week naar een Bergense school om deel te nemen aan de proeflessen voor aankomende brugpiepers. Toen ik haar zag lopen tussen al die middelbare scholieren, die allang geen kinderen meer waren, voelde ik me precies zoals toen ik haar voor het eerst afzette in de kleutergroep. Dit was een kleine stap voor haar, maar een gigantische stap van mij vandaan.  En ik voelde tranen prikken. “Faal!” zou mijn dochter onmiddellijk roepen.  Dus de neus gesnoten, de sentimentele gevoelens verdrongen en op de fiets gestapt naar het Kranenburgh Museum  waar een tentoonstelling van Lucebert is. Nu heb ik eigenlijk niet zoveel met Lucebert, maar ik wilde niet twee uur gaan winkelen. Bovendien had ik ergens gelezen dat ik koffie kon drinken in zijn nagebouwde atelier.
Dat laatste was niet helemaal waar, maar je kunt er wel fijn in zijn boeken neuzen, overal klinkt lekkere jazzmuziek, en er hangen natuurlijk veel schilderijen en uitvergrote gedichten. (Wat zouden de anti-zwarte pieten vinden van zijn Norse Neger-gedicht?) Ik las ook wonderlijke uitspraken als: ‘Wat de kunstenaar kotst is kunst.’ Daar denk ik anders over.
Vervolgens ging ik thee drinken in het restaurant met uitzicht op de mooie tuin. Iedereen die dit ook van plan is, wil ik graag de volgende tip meegeven: Niet wachten tot de dame van de bediening aan je tafel verschijnt. Zij kan namelijk maar een tafel tegelijk aan. De gasten aan de overige 13 tafels moeten wachten tot ze bij die ene tafel de bestelling heeft opgenomen, de thee heeft ingeschonken, de taart op de bordjes geschept,  het bestelde heeft uitgeserveerd en afgerekend.  Zelf naar de bar lopen gaat sneller. En reken meteen af!

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

 

 

Dufy in Laren

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Later als ik groot en rijk ben,  ga ik schilderijen verzamelen van havens, bootjes en stranden, dacht ik. Om een beginnetje te maken, spaarde ik vast ansichtkaarten. Nu is die schilderijenverzameling er niet gekomen, maar ik heb wel een paar mooie ansichten, onder andere met werk van Raoul Dufy. Zijn werk had ik nog nooit in het echt gezien en dat was de reden om naar Het Singer Museum in Laren te gaan waar nu een overzichtstentoonstelling van zijn werk is.
Er waren prachtige schilderijen van bootjes en havens in zijn geboortestreek: Le Havre, Deauville en Trouville (ook één van mijn lievelingsplekken), stillevens van bloemen en fruitschalen en veel schitterende stofdessins.
Naast de schilderijen was het heerlijk koekeloeren naar de talloze rode broeken, designbrillen, en vrouwen op verstandige schoenen die ongetwijfeld een labrador hadden,  want we waren wel in Baarn. Mijn zoontje was het enige kind en werd verwend met kleurpotloden en een speurtocht.
Na afloop dronken we thee in het restaurant dat zich bevindt in het oude woonhuisgedeelte en waar dezelfde sfeer hing als bij mijn opa en oma.  Tenslotte liepen we nog door de tuin waar grappige beelden staan, onder ander van de Bramenboot. En misschien verbeeldde ik me, maar het leek of we geluiden van een tenniswedstrijd hoorden.

foto (2)
De tuin van het Singer Museum in Laren

 

Ziek van kunst

Overal waar ‘te’ voor staat is niet goed voor je en dat geldt ook voor kunst. Zo waren geliefde en ik eens in het Uffizi in Florence.  Na een zaal of 15 werd hij wit om de neus en vroeg: ‘Hoeveel Madonna’s met kind kun jij nog aan?’
Te veel is vaak een probleem in musea en daarom was het Bonnefantenmuseum in Maastricht zo’n fijne verrassing. Je vindt er zowel oude als moderne kunst waardoor de engelen en Maria’s  je strot niet uitkomen.  Ik had ook sterk de indruk dat de conservator  als selectiecriterium het amusementsgehalte van de kunst had genomen.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Het meeste indruk maakte een werk van David Hammons. Wat een krachtig statement tegen kindermisbruik in de katholieke kerk.

foto 2 (2)
David Hammons

 

Het Blije Plaatje

foto (2)

Vrijdag waren we in het Archeon: een educatief pretpark dat je in een halve dag door bijna twintig eeuwen geschiedenis loodst. Om je in de sfeer te brengen hult het personeel zich in dierenvellen uit het Stenen Tijdperk, in middeleeuwse gewaden of tuniekjes uit de Romeinse tijd. Radio West was er om het Romeins festival te verslaan, en kleedde zich passend aan. Let op de bootschoenen en motorlaarzen!